Geschiedenis

Een stukje geschiedenis van het spoorwegstation te wilderen

Uit de notulen van het “Frabrique d’ Eglise de Wilderen” in vergadering op 2 januari 1876 blijkt dat “Le Conseil de Fabrique” zijn goedkeuring gaf om een stuk grond van 31 are en 28 centiare af staan en twee  instellingen die er om gevraagd hadden.
Deze instellingen waren enerzijds de Belgische Staat en anderzijds de nv Bank van België.

Wij willen u een aantal merkwaardigheden niet onthouden,

  • Het verslag was opgesteld in feilloos Frans en in een prachtige calligrafie.
  • De vraag werd gesteld door de Heer Francois FRANCOIS toenmalig diensthoofd.
  • Doel was de aanleg van een spoorweg van Tongeren naar Neerlinter???
  • De vraag werd gesteld gezien het Imperiaal Besluit van 30 december 1809
  • Het betrof drie perceeltjes in het totaal 31 a 28 ca.
  • Het betaalde bedrag was tweeduizendhonderachtenvijftig frank en 80 centiemen. Of 8500 Bef per hectare
  • In plaats van contanten ontving het Kerkfabriek obligaties van het Gemeentekrediet met een vaste rente van 4,5 %. Dit was niet slecht voor die tijd.
  • De Heer Coenegrachts tekende namens het Kerkfabriek

Op 20 maart 1894 vroeg de “Administration des CHEMINS DE FER DE L’ETAT BELGE” nog altijd in het Frans, voor het bouwen van een halte ( Station ), aan het Kerkfabriek een bijkomend stukje grond van 12a64ca.

Ook hier doen wij enkele merkwaardige vaststellingen:

  • Blijkbaar waren de vette jaren of de Spoorweg euforie van de begin periode voorbij, immers men stelde een bedrag per hectare voor van 6.000 Bef wat veel lager was.
  • Bovendien vroeg men om onmiddellijk de werken te mogen starten , zonder dat de overdracht akte was getekend . Het budget was duidelijk onvoldoende.
  • In afwachting van de definitieve eigendom overdracht betaalde de Spoorweg maatschappij een rente van 4,5 % op het overeenstemmend bedrag.
  • In vergadering van 7 april 1895 besloot het Kerkfabriek van Wilderen , Deze keer in het Nederlands, een stukje grond nodig voor het inrichten van een halte op den Yzerenweg over te dragen aan de Maatschappij der Belgische Spoorwegen.
  • Men had ruim zijn tijd genomen om te beslissen , meer dan één jaar . De Spoorwegen hadden in hun brief van 20 maart 1894 nochtans een antwoord per kerende gevraagd.

De volgende maal vertellen we u het een en ander over de bouwwerkzaamheden anno 1895 en 1896.

Rene CRESENS